Go directly to content
Naar de homepage

Wetgeving en uitvoering: ‘gevoel voor beide kanten is nodig’

Wetten kunnen nog zo mooi geschreven zijn, als ze in de praktijk moeilijk uitvoerbaar zijn, heeft Nederland er weinig aan. Daarom is er een uitvoeringstoets. Alle belastingwetten die op Prinsjesdag gepresenteerd worden, zijn getoetst. Dat is niet alleen nodig voor een goede uitvoering: ‘Minstens zo belangrijk is dat burgers en bedrijven ermee uit de voeten kunnen.’

‘In de uitvoeringstoets brengen we in kaart wat de gevolgen zijn van nieuwe wetten en regels en van veranderingen in bestaande regels’, zegt Lilian Potjer (rechts op de foto). ‘Welke implementatietermijn heeft de Belastingdienst nodig? Is implementatie überhaupt mogelijk? Wat komt erbij kijken? Wat zijn de gevolgen voor automatisering, voor toezicht, voor burgers en bedrijven, voor communicatie?’ Haar collega Yvonne Loijen knikt bevestigend: ‘Dat is ook waar de politiek steeds meer om vraagt. Wat betekent deze maatregel uiteindelijk? Want je kunt wel van alles in het Belastingplan opnemen, als de Belastingdienst het niet kan uitvoeren is het een loze maatregel.’

In de uitvoeringstoets werken wetgeving en uitvoering nauw met elkaar samen. Lilian Potjer werkt bij de Belastingdienst en is op het ministerie van Financiën een van de leden van het ‘kernteam Uitvoeringstoets’. Yvonne Loijen werkt op het ministerie bij het directoraat-generaal voor Fiscale Zaken en zit het Belastingplanteam. Dit team coördineert het pakket Belastingplan 2019 en is betrokken bij de behandeling van de plannen in de Tweede Kamer. Lilian zegt: ‘Beide teams zijn een schakelpunt.’ Yvonne en zij werken weliswaar op andere afdelingen, maar ze zitten letterlijk bij elkaar om de hoek. Dus ze komen elkaar tegen bij de koffieautomaat? Yvonne: ‘Ja, en bij de lunch.’

Je moet elkaar de tijd gunnen om iets uit te leggen

Een voorgestelde maatregel is het uitgangspunt voor de uitvoeringstoets. Het kernteam Uitvoeringstoets zorgt ervoor dat de voorgestelde maatregel terechtkomt bij de dossierhouders van de Belastingdienst. Zij beoordelen de wettekst vanuit hun eigen invalshoek, zoals uitvoering en handhaving of fiscaaljuridisch. Met hun opmerkingen en vragen gaat het kernteam naar verschillende aanspreekpunten bij de Belastingdienst. Bijvoorbeeld op het terrein van automatisering, midden- en kleinbedrijf en communicatie. Deze aanspreekpunten gaan na wat er nodig is om de voorgestelde maatregel tijdig te kunnen implementeren. Vervolgens gaan de dossierhouders hiermee aan de slag. Het resultaat is de uitvoeringstoets. Hierin staat wat de maatregel betekent voor bijvoorbeeld het toezicht en de communicatie met burgers en bedrijven en wat de uitvoeringskosten zijn.

Ruim 50

Het pakket Belastingplan 2019, dat op Prinsjesdag aangeboden wordt aan de Tweede Kamer, bevat ruim 50 maatregelen. Dit zijn zowel nieuwe maatregelen als wijzigingen van bestaande regels. Ook zijn er maatregelen die al bekend waren, omdat ze voortkomen uit het Regeerakkoord. In een bijlage bij het pakket Belastingplan 2019 staat bij elke maatregel op één A4’tje de uitkomst van de uitvoeringstoets.

Het klinkt logisch, de manier waarop een uitvoeringstoets tot stand komt. Maar denken ze nooit: die wetgevers snappen niks van de praktijk? Of: wat doen ze bij de Belastingdienst toch moeilijk? Yvonne en Lilian schieten in de lach. ‘Ja, dat wordt weleens gedacht, maar we komen altijd gezamenlijk tot een goed resultaat’, zegt Yvonne. Ze vertelt dat zij tot voor kort zelf bij de Belastingdienst werkte. ‘Dan heb je gevoel voor beide kanten. Je moet elkaar de tijd gunnen om uit te leggen waarom iets belangrijk is. Dan krijg je betere resultaten.’

Lilian: ‘Politiek zijn er wensen, beleidsmatig zijn er wensen en vanuit de uitvoering zijn er wensen.’ Ze wijst erop dat het minstens zo belangrijk is dat burgers en bedrijven met de voorgestelde maatregelen uit de voeten kunnen. ‘Kortom, hoe kun je de wetgeving zo vormgeven dat je je doel bereikt en dat het goed uitvoerbaar is? Samen tot een goede match komen, dat is de uitdaging.’